Sinds Heleen Veldkamp op zichzelf is gaan wonen en studeren in Utrecht besloot ze om de religieuze gewoontes die ze van haar ouders geleerd heeft achter zich te laten. ‘Ik heb wel meegekregen dat iedereen zijn eigen kijkt heeft op het leven en ik denk dat mijn ouders vooral houvast uit het geloof halen’, aldus Heleen Veldkamp. Ze is opgegroeid in Amersfoort waar haar ouders nog steeds wonen.

Kan je iets vertellen over de opvoeding die je hebt gehad?

‘Mijn ouders zijn beiden katholiek en hebben dit ook meegekregen van hun ouders. De reden dat ze mijn zusje en mij ook zo hebben opgevoed is denk ik uit gewoonte. Ook hebben ze het gedaan uit respect naar hun eigen ouders en het feit dat ze er zelf veel uit hebben kunnen halen. Wij moesten de eerste jaren van ons leven om de week naar de kerk en we moesten altijd bidden aan tafel en als mijn zusje of ik dat niet deden kregen we geen straf maar merkte je dat we onze ouders teleurstelden. Dus ook bij ons in de gewoonte erbij is ingeslopen. Ik heb op latere leeftijd wel vaker geprobeerd mijn ouders te vragen waarom ze nou precies geloven en waarom dit zo belangrijk is. Ik merk dan dat ze in tegenstelling tot andere onderwerpen waar ik het soms met ze over heb, niet echt een goede reden kunnen geven. Het is gewoon zoals het is.’

Hoe komt het dat je zelf uiteindelijk het geloof achter je hebt gelaten?

‘Ten eerste heb ik vanaf het moment dat ik voor mijzelf kon denken mijn vraagtekens gezet bij het Bijbelse verhaal en daardoor dus bij het geloof in het algemeen. De reden dat ik toch hierin mee ben gegaan thuis is omdat mijn ouders hele lieve mensen zijn en ons met heel veel liefde en respect hebben opgevoed. Hierdoor accepteerde ik het, omdat ik weet dat ik mijn ouders zou kwetsen als ik op een jongere leeftijd hiertegen in zou zijn gegaan. Ik heb op een Katholieke basisschool gezeten, de Aloysiusschool, maar mijn ouders lieten mij wel mijn eigen middelbare school kiezen. Toen ik twaalf was en begon op het Nieuwe Eemland kreeg ik al vaag de indruk dat vrijwel niemand in mijn omgeving was opgevoed zoals ik dat was. Als het 21 graden was liep iedereen al in hele korte broekjes en ik nog met een jurk tot over mijn knieën. Tot mijn vijftiende heb ik me een beetje een buitenstander gevoeld op school, maar dit gevoel ebde weg op het moment dat ik mijn eigen plan trok. Ik denk achteraf dat mijn ouders het altijd al aanvoelde komen dat ik niet mijn leven voort zou gaan zetten zoals zij dat hebben gedaan. Vanaf mijn zestiende ging ik mij iets anders kleden en ik kreeg mijn eerste vriendje. Mijn ouders vonden dat moeilijk maar bleven toch even liefdevol als altijd’

Hoe is je leven veranderd sinds je op jezelf bent gaan wonen?

‘Hoewel mijn ouders al wisten dat ik niet gelovig ben zoals zij dat zijn, begrijp ik wel heel goed waarom mensen wel gelovig kunnen zijn, ook kan ik vaak goed met mensen overweg omdat ik mede door mijn opvoeding iedereen met veel respect zal behandelen. Mijn leven is niet heel erg veranderd in de zin van geloof. Natuurlijk ben ik voor het eerst het huis uit gegaan en studeer ik nu. Dat zijn al hele veranderingen maar daarnaast ga ik nooit naar de kerk, bid ik niet voor het eten en kleed ik mij gewoon zoals ik daar zelf zin in heb. Mijn ouders hebben zich daarbij neergelegd. Ik merk dat veel mensen denken dat gelovige mensen dom zijn of niet echt openminded maar mijn beide ouders hebben gestudeerd en zijn juist heel openminded. Ze zijn geïnteresseerd in iedereen en vinden het gewoon het belangrijkste dat ik gelukkig ben en het beste uit mezelf haal, zowel qua studie als qua geloofsovertuiging. Iedereen heeft tenslotte zijn eigen manier van leven en geloven’