Op 8 maart 2018 kwamen de meeste Amersfoortse partijen bijeen om het te hebben over duurzaamheid. In de Johanneskerk kregen de politici de kans om hun standpunten over groen, energiebesparing en milieu te pitchen. Bovendien werd het gesprek aangegaan over een drietal stellingen. De aanwezige duurzaamheidsambassadeurs, tevens organisatoren van de avond, werden naar aanleiding van het debat uitgenodigd om na 21 maart samen met de gemeenteraad Amersfoort duurzamer te maken, maar concrete plannen bleven uit.

Uit de eerste ronde, waarin de partijen hun standpunt in een minuutje samenvatten, werd één ding al snel duidelijk: De vraag is niet of de partijen milieu en duurzaamheid en milieu in hun partijprogramma opnemen, maar hoe en in welke mate. Diverse onderdelen die werden aangehaald zijn o.a. het burgerinitiatief om een windmolen in het soesterkwartier neer te zetten en het plaatsen van zonnepanelen.

Tijdens de verschillende debatrondes werden telkens vijf van de dertien aanwezige partijen uitgenodigd om over diverse stellingen in gesprek te gaan. Een van de meest vurige deelnemers aan dit gesprek was Astrid Janssen van GroenLinks, die de bewering van VVD’er Kees Kranen dat er in de afgelopen vier jaar voldoende duurzaamheid gerelateerde programmapunten aan bod waren komen overtuigend ontkrachtte met de quote “We zijn allemaal onderdeel van het probleem, maar daarmee ook onderdeel van de oplossing“.

Bij het investeren in duurzame oplossingen in de stad, zoals een CO2 neutraal stadhuis, of het aanstellen van een milieuzone in de binnenstad kwam uiteraard ook de vraag bovendrijven hoe het allemaal bekostigd moet worden. GroenLinks stelde voor om de belastingen te verhogen, VVD gaf aan bereid te zijn om de stofkam door de verschillende budgetten te halen om zo bedrag voor duurzaamheid op te bouwen.

De bereidheid onder de partijen was dus wel degelijk aanwezig, maar was zoals het de partij betaamt, onder GroenLinks het sterkst. Na een sterk pleidooi van SP-vertegenwoordiger Rob Molenkamp over hoe er snel iets gedaan moet worden om het groene beleid van de gemeente aan te scherpen, legde Kees Kranen uit dat het trage tempo waarin de nieuwe milieuregelgeving te wijten is aan al het betrokken bureaucratische papierwerk. Janssen merkte vervolgens op dat ook stilstand in het milieubeleid de gemeenteraad geld kost en dat er dus hoe dan ook actie ondernomen moet worden.

Opvallend was hoe vaak het woord ‘kibbelen’ deze avond viel. Zowel debatleidster Marion van der Voort, als het publiek gebruikten het om de gesprekken te omschrijven. Ook op Twitter bleek gekibbel de overheersende indruk van het debat. Dit werd vervolgens weer uitgelicht door de live-feed van Tweets, die achter de aanwezigen partijleiders op de muur geprojecteerd werd.

Dat dit onderwerp leeft onder de inwoners bleek uit de grote opkomst deze avond. Aan het begin van de bijeenkomst waren er nog enkele lege stoelen te bespeuren, maar deze waren uiteindelijk nagenoeg allemaal gevuld met betrokken Amersfoorters. Dat de aanwezigen betrokken waren, had echter ook een nadeel. Hoewel de activistische ‘Groene Kerk’ een logische locatie lijkt voor een debat met duurzaamheid als thema, zorgde de echo in de zaal ervoor dat het geroesemoes onder de bezoekers extra luid overkwam.

Gebaseerd op het applaus, kan Astrid Janssen als winnares van het debat gezien worden. Als het echter op inhoud aankomt, kwam er te weinig concreets ter sprake om een duidelijk beeld te bieden van de potentiële plannen voor de Amersfoortse gemeenteraad anno 2018. Het zal afwachten zijn hoe duurzaamheid in het college na de verkiezingen terug te vinden is.