Een groot vierkant gevuld met water, in het midden twee roltrappen. Een vijver, maar zonder vissen, midden in de hal. 8:16 is de in oranje gekleurde tijd op het grote zwarte digitale bord schuin boven het water. In de tot wel 200 meter brede hal zijn er maar vier mensen te bekennen. 9:00 uur inmiddels en er komen steeds meer mensen naar boven via de met rood, blauw, geel, groen, roze en wit omhulde lichtgevende roltrap. Boven aan de roltrap staan borden met daarop ‘rai vereniging Rijwiel & Automobiel Industrie’, ‘Bovag’ en ‘Rover’. Een grote deur waar uiteindelijk driehonderd man, zowel man als vrouw, jong en oud, in pak of jurk in een grote zaal van de Jaarbeurshallen in Utrecht op witte klapstoeltjes plaats kunnen nemen voor het nationale mobiliteitsdebat, waar gesproken wordt over onder andere de mobiliteit in de binnensteden, waaronder Amersfoort.

Een van de aanwezige mobiliteitsorganisaties is Rover. Rover Amersfoort gelooft niet zo in het emissieloos rijden waar de partijen het in het debat over hebben. René Coveen, Rover-afdelingsvoorzitter: “Emissieloos rijden beschouw ik als een illusie. Elektriciteit is niet emissieloos. Elektriciteit moet opgewekt worden. Het opladen van een elektrische auto kost evenveel stroom als een gezin in twee weken verbruikt. Het opladen van een bus kost nog veel, veel meer stroom. En die stroom moet opgewekt worden. Daarvoor heb je ongeveer een elektrische centrale nodig naast de busgarage, met dan nog gigantisch dikke kabels. Ik beschouw dit daarom als een illusie.”

Gefocuste blikken en fronsende wenkbrauwen tijdens het sjouwen met lampen en andere voorwerpen waarvan het niet duidelijk is wat het moet voorstellen. Grote, ronde, grijze metalen voorwerpen met scherpe punten. Waarschijnlijk iets waar de camera’s, lichten en boksen aan vast gemaakt kunnen worden. In de zaal zijn cameramannen en –vrouwen camera’s op grote en kleine statieven aan het plaatsen. Mensen van de techniek rennen van voor naar achter en van links naar rechts in de zaal om elke microfoon en camera te testen voor het bijna beginnende debat. Rode knoppen, ronde knoppen, grote, kleine en zelfs schuifknopjes, allemaal op één grote geluidskast van de technici. Het debat is alleen voor genodigden, maar er is in de verste verte geen bewaker te bekennen om te controleren in de zalen.

Er zijn meer mannen dan vrouwen. De mensen in de zaal kijken met gefocuste blik of fronsende wenkbrauwen naar de debatleider Rens de Jong of kijken en scrollen op hun telefoons. Twitter, Facebook en de mobiele app van het debat genaamd Buzzmaster waren op de schermen te zien. Via de app kunnen de bezoekers via hun telefoon een vraag insturen en zo participeren in het debat.

Het debat is opgedeeld in vier blokken: Slim, Groen, Veilig en Flexibel. Dit wordt aan de hand van een slideshow op het grote witte digibord midden op het podium aangeduid. Om het digibord heen staan zes kleine, witte, rechthoekige pilaren met een glas water waar achter de partijleden Barbara Visser (VVD), Martijn van Helvert (CDA), Eric Smaling (SP), Salima Belhaj (D66), Attje Kuiken (PvdA) en kandidaat-kamerlid Huib van Essen (GroenLinks) kunnen staan.

“We moeten terug naar de stoomboot!”, roept iemand in het publiek. Dit sloeg terug op het duurzaam en elektrisch gaan willen rijden in de binnensteden. Martijn van Helvert heeft vertrouwen in het bedrijfsleven, maar niet zo zeer in de overheid. Een mobiliteitsakkoord moet ervoor gaan zorgen dat de partijen samenwerken en meer rekening houden met de burgers in plaats van alleen de investeringen in het land.

Gapende mensen aan het eind van het debat. De een met tranen in zijn ogen de ander een grote brede glimlach. De partijen zijn het erover eens dat zij meer samen moeten gaan werken en kwamen gezamenlijk tot de conclusie dat er een mobiliteitsakkoord moet komen om misverstanden te voorkomen en afspraken zwart op wit te hebben. Duurzaam en emissieloos rijden en meer investeren in het OV. Daar willen ze naartoe vanaf 2025. Maar gaat dat lukken? Niet iedere partij gelooft hierin. Martijn van Helvert van het CDA: “Wij moeten niet kijken naar de tijd, want dan ga je iets beloven wat je misschien helemaal niet na kan komen. En dat willen wij voorkomen.”