Het wereld kampioenschap voetbal vind ik altijd een van de meest fascinerende periodes die er zijn. Een verdeeld land kan compleet samenkomen en kleine geschillen aan de kant zetten om samen een doel na te streven, namelijk wereldkampioen worden. Het voetbalteam is de verbindende factor. Nederland doet dit jaar niet mee maar laten we even voorstellen dat dit wel het geval was geweest. We zouden een tijdje geen nieuws horen over wie er Nederlands is en waaruit de Nederlandse identiteit bestaat. Iedereen die achter het Nederlands elftal staat is in principe Nederlander. Autochtonen en personen met een niet-westerse migratieachtergrond zullen samen een overwinning vieren. Dit kunnen we in grote lijnen doortrekken naar recente maatschappelijke ontwikkelingen. We kijken niet meer vooruit, naar het elftal, maar naar opzij naar elkaar. Er mist een voetbalelftal, een ideaal, iets waar we gezamenlijk onze schouders onder kunnen zetten.

Even terug gaan naar het einde van de Tweede wereldoorlog. In die tijd was alles maakbaar, er was volop vertrouwen in het realiseren van verlichte ideeën, zoals grotere sociale gelijkheid, het verdwijnen van nationalisme, gelijkheid van mannen en vrouwen, terugdringen van de invloed van de godsdiensten, gelijke behandeling van minderheden en openheid in alle opzichten. Vastgeroeste tradities en benauwde groepsgeest zouden worden vervangen door improviserend gedrag, onafhankelijkheid en autonomie. Er was duidelijkheid welke kant het met de wereld op moet. Dit sentiment werd onder het grootste deel van de bevolking gedeeld, we konden dus met zijn allen de schouders eronder zetten waardoor een groot gedeelte van de idealen ook werden gerealiseerd. Deze idealen zijn tegenwoordig flink aan het afkalven. Een reden hiervoor wordt door filosoof Bas Heijne beschreven als de veronderstelling: “dat mensen meer behoefte hebben aan onafhankelijkheid en individualisme dan aan een ‘bezield verband’ waarin ze zich geborgen voelen.”

Door doorgeslagen hyperindividualisme, en dan kijk ik vooral naar Instagram en Facebook, waarin vooral de nadruk op jezelf ligt is het oog voor de groep verdwenen. Het door Bas Heijne beschreven bezielde verband kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden, een familie is een voorbeeld, maar ook een groep individuen kunnen een bezield verband zijn wanneer er een sterke gezamenlijk gedeelde verbindingsfactor is. Door individualisme heerst er tegenwoordig een verbindende factor die de nadruk vooral legt op de eigen identiteit. De moslim, de blanke Nederlander, de transgender, de zwarte afrikaan, de turk etc. Wanneer deze vorm van verbinding in een land de boventoon voert zal er vooral polarisatie plaatsvinden. Misschien is het tijd om de focus op jezelf los te laten en een nieuw ideaal te vinden die door grote globale groepen gedeeld kan worden.

Een realistisch voorbeeld heb ik zo niet. Er zijn zat filosofen die hier veel beter over na kunnen denken dan ik. Waar het verleden vaak heeft aangetoond dat een nieuw ideaal voortkomt uit een ramp als de tweede wereldoorlog hoop ik dat we dat deze keer kunnen vermijden. Even terug naar het begin van deze column wees ik op de verbindende factor van het voetbal. Wanneer er vriendschappelijke competitie tussen twee entiteiten bestaat zal er een kant worden gekozen. Een hersenspinsel brengt mij bij het idee om Mars te koloniseren en een voetbalwedstrijd tussen deze nieuwe kolonie en de aarde organiseren. De aardse mens voelt zich dan misschien wel op globale schaal verbonden met de ander ongeacht kleur of afkomst. Als autochtone Nederlander en immigrant die samen het Nederlands elftal supporten.