De hertelling van de stemmen heeft voor D66 slecht uitgepakt. Burgemeester Lucas Bolsius maakte vanochtend om 9.30 uur bekend dat de laatste restzetel, ten koste van D66, naar het CDA gaat. De partij van Tyas Bijlholt komt dus nu in totaal uit op zes zetels, in tegenstelling tot de zeven zetels voor de hertelling. Wij spraken met voorzitter Martin Fröberg.

Bij D66 heersen vooral gemengde gevoelens. Fröberg legt uit: “De vreugde is er natuurlijk omdat we weer de grootste partij zijn, maar toch is er ook teleurstelling over het aantal zetels.” D66 behaalde namelijk drie zetels minder dan de negen van vier jaar terug.

De teleurstelling is vooral groot bij de nummer zeven op de lijst bij D66, Noëlle Sanders, die de afgelopen dagen in onzekerheid leefde.
Door het verzoek van CDA, was het niet zeker of Sanders een plek kreeg in de raad. “Sanders heeft de afgelopen nachten slecht geslapen. Politici zijn natuurlijk ook maar mensen. Het is spijtig en vervelend dat ze na de hertelling net buiten de boot valt op basis van een paar stemmen. Zeker omdat ze goed haar best heeft gedaan voor de partij”, beargumenteert Fröberg.

Of D66 dit ruime verlies aan zetels zag aankomen? “We hielden er wel rekening mee, maar toch is het ook een kleine verrassing. Er is een buitengewoon goede campagne gevoerd.”
De voorzitter van D66 maakt zich echter niet druk. “Ons belang was om de grootste partij van Amersfoort te zijn en dat is gelukt. Alleen is het wel een feit dat je een coalitie makkelijker had kunnen vormen met zeven zetels.”

Fröberg kan nog niet vertellen met welk plan ze als eerst aan de slag gaan. “Het is nog te vroeg om hier uitspraken over te doen. Er zijn namelijk vier partijen met zes zetels en we moeten eerst bij elkaar komen. Iedereen kan dan zijn of haar zegje doen en wat ze inhoudelijk van belang vinden.”
Toch kan Fröberg wel een klein tipje van de sluier geven over het zegje van D66: “Betaalbaar wonen is voor ons duidelijk van belang. Ook willen we kijken hoe wij Amersfoort snel duurzaam kunnen maken volgens het akkoord van Parijs.”