“Ook ik zit vol met vragen over het geloof”, zegt Harm Dane. De 67 jarige voorzitter van de Algemene Kerkenraad Protestantse Gemeente Amersfoort neemt plaats aan de andere kant van de tafel in de Johanneskerk in Amersfoort. “Maar, dat is ook het mooie aan geloven. Het relativeren van bijbelverhalen en daar een balans in vinden.” Protestantse Amersfoorter Dane vertelt openhartig over geloven, de veranderende geloofsgemeenschap, zijn kijk op bepaalde kwesties en twijfels die bij hem spelen.

“Ik kom uit een gereformeerd gezin van zes kinderen. Mijn wieg staat in Wassenaar, maar vanaf 1990 woon ik in het prachtige Amersfoort. Als student leerde ik altijd dat deze stad dé plek is om geloven te bestuderen. Hier zouden alle Nederlandse geloven aanwezig zijn. Van kleine genootschappen en kapelletjes, tot aan het grotere protestantisme. Na mijn afstuderen ben ik gaan werken binnen het bureau van de Protestantse Kerk. Toen ik daar aan de slag ging wilde ik al snel nergens anders meer werken. Een aantal jaar geleden ging ik met pensioen en had ik eigenlijk nog geen genoeg van de kerk. Ze zochten destijds een voorzitter. Die functie sprak mij enorm aan, dus schreef ik een sollicitatiebrief en werd vervolgens uitgekozen.”

Doordat Dane al langere tijd binnen de Protestantse Kerk meedraait, heeft hij grote veranderingen meegemaakt. “Geloofsvragen die dertig jaar geleden speelden zijn tegenwoordig niet meer relevant. Ik kom nog uit de generatie dat geloven vanzelfsprekend was, maar in deze dagen is dat niet meer zo. Lid van een kerk zijn is een keuze geworden. Het christendom is voor een grote groep mensen nog maar een klein onderdeel van hun leven. Ze hebben hobby’s, sporten en reizen. Door de tegenwoordig gescheiden segmenten recreëren ze ook niet meer bij christelijke organisaties.”

Naast de manier van geloven komen er volgens Van Dane ook steeds meer vragen op binnen de geloofsgemeenschap. “De samenleving verandert en niet iedereen loopt meer achter een verhaal aan. Mensen denken vaak dat de kerk daarop tegen is, maar dat is niet zo. De kerk is voor mij al sinds kleins af aan een plek om vragen te stellen. Vroeger werden deze nog weleens onder de tafel gewerkt of als ongemakkelijk ervaren, maar tegenwoordig is dat niet meer. Er wordt veel meer gerelativeerd. Het is niet fout om jezelf vragen te stellen over het geloof en gebeurtenissen zoals die beschreven staan in de bijbel. Dat is juist het leuke aan geloven, het maakt het interessant en zet je aan het denken.”

“Laatst las ik in de Trouw een artikel van een Hoogleraar waarin hij afscheid nam van de hemel. Iets als een hemel en hel zou volgens hem niet bestaan. Het artikel zette mij aan het denken. Dat hij niet uit de voeten kan met een hemel vind ik prima, maar is het niet een beetje gemakzuchtig om te zeggen dat het alleen om dit leven gaat? Ik dacht aan alle mensen die in dit leven zulke verschrikkelijke dingen moeten ondergaan. Wat zeg je tegen de vluchtelingen die met een bootje Europa willen bereiken, of kinderen in Bangladesh die worden uitgebuit? De hemel heeft een belangrijke functie. Het roept namelijk een rechtvaardigheidsgevoel op en geeft deze mensen hoop op een beter bestaan na dit leven. Het kan toch niet zo zijn dat de ongelijkheid in deze wereld niet gerechtvaardigd wordt?”

Euthanasie en vooral voltooid leven zijn volgens Dane ook twee lastige kwesties. “Mijn criterium bij euthanasie is dat het zorgvuldig en op een humane manier gedaan wordt. Daarom kan ik best leven met de huidige euthanasiewet. Voltooid leven is echter weer een hele andere zaak. Je moet jezelf afvragen: welke wissel passeer je en welke gevaren komen daarbij kijken. Als een overheid zijn burgers helpt bij het beëindigen van levens, kan dat leiden tot verkeerde associaties. Het kan niet zo zijn dat we mensen gaan afschrijven. Het mag niet zo zijn dat mensen gaan denken ‘laat die zorg maar zitten, we hebben een andere uitweg’.”

Iets waar Dane ook veel over nadenkt is de definitie van zelfbeschikking. “Als ik zelf over mezelf beschik, wie beschikt er dan eigenlijk over mij. Binnen het systeem kan je niet over het systeem praten. Binnen jezelf kan je ook niet over jezelf praten. Dus, binnen mezelf kan ik toch niet over mezelf beschikken? Geloven is onbegrijpelijk en tegelijkertijd onbegrijpelijk mooi.”