Struikelend over de aardbeien die over het looppad hangen en met een klein bordje met in slordige letters ‘Maïs’ erop geschreven, in de weg, probeert een rode kater zijn weg te banen door de voortuin. “Ik zit eraan te denken om hier een bak met rodekool te plaatsen, maar misschien zal deze zo groot groeien dat de bloemkool dan te weinig plek over heeft.” Terwijl hij hapt op een zelf verbouwde aardbei stelt Tim Huisman, een hobbytuinman in hart en nieren, zijn idee voor. “Tim is de enthousiaste van ons drie”, lacht Joffrey Lagendijk en geeft zijn vriend Rens van der Duim een por in zijn zij. Met zijn drieën hebben deze mannen hun voortuin omgetoverd tot de grootste moestuin van Jeruzalem.

Het is februari 2015 als het uit gaat tussen Joffrey en zijn vriendin. Het idee om een klein kasje in de achtertuin te plaatsen is terug de kast in gezet, maar blijft hier niet lang in staan. Van een kas in de achtertuin groeit het idee uit tot de bekendste moestuin van de volgens Amersfoorters meest verwaarloosde wijk. Samen met zijn vrienden maakte Joffrey een duurzame snoepwinkel van het eerst nog zandige en onvruchtbare grond. “We zijn geen pro’s en klooien maar wat. Plantenkenners zijn we dus niet, maar groene vingers hebben we zeker”, bekent de beheerder van de tuin.

Van aardappelen tot blauwe bessen en bij-aantrekkende bloemen tot bloemen die de insecten juist afschrikken, aan niks ontbreekt het in de moestuin. “We verkloten nog steeds heel veel maar vorig jaar waren we heel erg aan het uitproberen en nu gaat het steeds beter en leren we er steeds weer meer bij”, legt Tim, werkend bij Eurofleur Leusden, uit terwijl hij een zelfgemaakt insectenhotel ophangt.  Grote hoeveelheden van de groente- en fruitsoorten zijn niet te vinden in de tuin. Aan de aankopen in supermarkten stopzetten doen de mannen ook niet. Ze verbouwen de groente in deze tuin alleen voor de lol en niet voor het verkrijgen van levensmiddelen.

“Eigenlijk houden wij niet zo van groente”, zegt Rens eerlijk. “En het was eigenlijk ook niet helemaal onze intentie om te zorgen voor meer duurzaamheid in onze wijk”, voegt Joffrey toe. Naast het lage huis vangt een witte plastic het zonlicht op. De rode kater gaat erop zitten en begint te spelen met een rotte aardbei die hij heeft gevonden. Terwijl Tim het onkruid onder de paar tegels die de tuin nog bezit vandaan haalt begint hij te vertellen. “In de tijd dat we deze tuin hebben opgezet is er toch wel een vleugje duurzaamheid ontstaan hoor.” Hij kijkt Joffrey, waarvan hij weet dat hij hem zal aanvullen, even aan. “Uit een uit de hand gelopen idee is er wel een duurzaam project ontstaan, doordat we eigenlijk gewoon meededen met de groene hype die er tegenwoordig is. Ik vind wel dat meer mensen hieraan mee zouden moeten doen.”

“Hey, Rens jij hebt nog niet veel gezegd hè”, merkt Joffrey op. Rens schrikt op uit zijn staarsessie naar de blauwe bessen en kijkt zijn vriend aan. “Waarom vertel jij niet over je favoriete deel van de tuin?” In het uiterste hoekje van de plantenbak zijn er door de maanden heen wat groene sprietjes uit de aarde tevoorschijn gekomen. “Vroeger was ik knoflookboer. Van knoflook weet ik dus veel af. Dit kon dan ook niet missen in de tuin,” antwoord Rens. Een ex-knoflookboer, een Intratuinmedewerker en een gespecialiseerde in het onderhoud van landgoed, vormen het sterke team dat Jeruzalem haar groene kleur gaf.

 Om de vijf seconden tikt er een regendruppel op een blad van de koolsla. Na de warme dagen was dit precies wat de tuin nodig had. In de verte klinkt het geluid van een bekende. “Hey, hoe gaat het mannen?” roept een buurtbewoonster die even een pauze houdt van de wandeling met haar hond. “Ja, goed!” roepen de mannen terug in koor. Geen dag gaat voorbij zonder dat ze een opmerking over de tuin ontvangen. In deze wijk is iedereen betrokken en groot fan van de overvolle en kleurrijke moestuin. Binnenkort zal er een markt zijn op de stoep van de Tuinbouwweg te Jeruzalem, een ironische, maar toch ook toepasselijke naam. Kraampjes met allerlei groente en fruit, dat iedereen gratis mag meenemen, zullen hun plek krijgen. Wel zal er een donatiepotje staan. Hoeveel hierin zal komen ligt volgens Joffrey aan de goedheid van de mens.

Van ziektes en door insecten weggevreten stukken zijn de groenten en de fruitsoorten nog niet af. De droomtuin dat voor ogen was is er nog niet, wel zijn de vrienden al goed op weg. Ook ideeën zijn er genoeg. “Binnenkort zet ik bordjes neer met de tekst ‘Pluk hier je aardbei’ erop. Zo kan iedereen snoepen van wat wij verbouwen”, vertelt Tim enthousiast. “Ja ja, niet op de zaken vooruitlopen hè”, zegt Joffrey lachend en geeft zijn vriend een stevige schouderklop.

 

Door: Anouk Spoeltman
Eindredactie: Laura Helmus